Columns
Regelmatig overvalt me een gevoel van verbazing, als ik zie hoe laconiek veel mensen denken over het effect van voeding op hun gezondheid.
De verwarring over wat we moeten eten en drinken, wanneer we dat moeten doen, en hoe, lijkt wel steeds erger te worden. Natuurlijk weet iedereen dat 2 ons groenten en 2 stuks fruit per dag gezond is. Toch? En iedereen weet dat volkorenbrood het beste is. Dus dat eten we. Toch? Maar verder dan dat komen de meeste mensen niet. En heel vreemd vind ik dat niet. Zoetigheid op brood, uuhm bij uitzondering. Maar teveel kaas en vleeswaren zijn ook niet goed. Ondanks alle goeds dat er in zit, zit er ook veel verzadigd vet in, cholesterol. Elke dag groentenspread op brood, (veilig en gezond) gaat ook snel vervelen. Even snel een lunchtrommeltje maken wordt dan al snel iets om over na te denken. >
“De zomer komt eraan. De eerste zonnestralen roepen op om jurkjes en truitjes met korte mouwen uit de kast te halen en we popelen om weer met blote armen en benen in de zon te fietsen.
Het Paleo of oerdieet is helemaal hot. Onlangs promoveerde Remko Kuipers met zijn proefschrift “Fatty acids in human evolution: contributions to evolutionary medicine” waarin hij onder meer concludeert dat ‘moderne’ westerse ziektes verband houden met onze huidige eetgewoontes.
“Jij kan echt alles eten hè, zonder dat je aankomt?!”.
Regelmatig kunnen we op allerlei websites over gezondheid en in rubrieken van kranten en tijdschriften lezen dat ‘diëten niet werken’. Degenen die mijn column ‘Eerherstel voor het dieet’ hebben gelezen, weten hoe ik denk over dit soort uitspraken. Een dieet volgens de officiële definitie kan een patiënt gezonder maken, kan erger voorkomen, ja kan zelfs levensreddend zijn. Laten we eens kijken naar een patiënte voor wie een dieet het einde van jarenlange pijn en ongemak betekende.
Ik krijg vanavond een vriendinnetje te eten. Ik ken haar nog van Wageningen Universiteit, dus inderdaad – het moet biologisch en gezond. Deze twee zaken gaan uiteraard heel goed samen, alleen ben ikzelf geen stereotype Wageninger. Ik ben natuurlijk wel een voorstander voor biologisch en gezond, maar ik ben nog een grotere fan levensmiddelenfabrikanten… Mijn specialiteit is: het koken uit pakjes!
Wie de serie “Help ons kind is te dik” op RTL4 heeft gevolgd heeft had al snel door dat deze uitgebreid gesponsord werd door allerhande bedrijven en producten. De Tefal Actifry, de Waterflos, de Kangoo jumps, de Wii-fit, de Junami-appel. Persoonlijk kan ik met de laatste redelijk goed leven. Maar met het uitbundig aanprijzen van Slimpie heb ik toch enige moeite.
Luister jij naar jezelf? Of luister je veel naar je omgeving? Vertoon je wel eens sociaal wenselijk gedrag, omdat andere mensen dit van je verwachten?
We horen het steeds vaker, komen er ook eerlijker voor uit: emotie-eten. Ik beken schuld, doe het zelf ook regelmatig. Loopt het op het werk niet lekker, of heeft iemand me gekwetst. Heb ik het hele huis op z’n kop gezet en ben ik helemaal af? Dan denk ik al gauw; vanavond maak ik het lekker gezellig. Kaarsjes aan, wat lekkers op tafel…..hoe komen we daar toch aan vroeg ik me af.
In de hele discussie omtrent het toenemende overgewicht van de Nederlandse bevolking krijgt voeding alle aandacht. Uiteraard wordt er ook gesproken over beweging en sport en zijn er diverse landelijke en regionale projecten om ook op die manier gewichtstoename binnen de perken te houden. Miljoenen worden hieraan besteed: acties waarbij sportscholen en –verenigingen betrokken zijn, kleurige websites met beweegprogramma’s, de gouden medaillewinnaar die als voorbeeld voor jongeren wordt ingezet of grootschalige acties van een gemeente. Kortom: het mag wat kosten om mensen actief te krijgen (en te houden).
Bijna iedereen heeft ervaring met afvallen, maar ook met blijvend resultaat? Het is in ieder geval onderwerp van gesprek op menige verjaardag.
Sinds januari 2012 zit de diëtist niet meer in het basispakket van de zorgverzekeraars. Dat het voor minimale bedragen opgenomen is in de aanvullende pakketten mag nog geen doekje voor het bloeden genoemd worden.
Mijn ergste vijand, mijn dierbaarste vriend is …eten. Jarenlang kampte ik met ernstig overgewicht.
Het zou zomaar een casus in een diëtetiekopleiding kunnen zijn. Een man, 74 jaar, met diverse voedingsgerelateerde problemen: diabetes mellitus type II, hypertensie, hypercholesterolemie om er een paar te noemen. Hoe vaak was ik dit niet tegengekomen in de opleiding, voorzien van iemands gebruikelijke eetpatroon waar het nodige aan te verbeteren viel. Haal de producten weg die in negatieve zin bijdragen aan het gezondheidsprobleem en dat is het. In elk geval genoeg voor een voldoende voor je casuïstiekverslag.
‘Dan zul jij wel héél gezond eten!’ Hoe vaak heb ik die uitspraak al niet gehoord?
Toen ik begon met de opleiding tot diëtist werd ik ‘lekker’ gemaakt met de melding dat studenten ook zelf enkele diëten uit zouden gaan proberen. Helaas werd dit in de praktijk niet aangeboden, al heb ik me wel gewaagd aan glutenvrij brood en eiwitverrijkte pap. Verder heb ik ook wat kunnen proeven van drinkvoeding en speciale stofwisselingspreparaten, maar proeven is natuurlijk iets anders dan zelf dagenlang of zelfs jarenlang eten volgens een dieet. Omdat voeding- en dieetadviezen het basispakket zijn van de diëtist en ik als docent voedingsleer hierin ook gewichtsconsulenten adviseerde, nam ik mezelf maar als proefkonijn.
Kersverse studenten Voeding & Diëtetiek leren als één van de eerste dingen in hun opleiding de definitie van een dieet: een specifieke en medische voeding ten behoeve van een individu. Geen speld tussen te krijgen. Alle bekende en minder bekende afslankkuren zoals Sonja Bakker, Atkins, South Beach en andere mogen niet aan het woord ‘dieet’ gekoppeld worden, zonder dat een docent van kleur verschiet en de juiste definitie nogmaals de revu laat passeren. Tot zelfs tentamenvragen aan toe.












